Voor State recenseerde ik de debuutplaat van Coco Bryce, een Bredaase producer uit de Fremdkunst-hoek die goed naar Nosaj Thing, Hudson Mohawke en Flying Lotus heeft geluisterd en daar een sterk eigen brouwsel van heeft gemaakt. Uitschieter op Boesoek is het titelnummer, dat van Four Tet-achtige snaargetokkel naar onheilspellende synthesizerduisternis gaat en weer terug:
Grappig genoeg voegde producer Darren ‘Star Slinger’ Williams uit Manchester mij in november toe als vriendje op Last.FM, en niet andersom. Waarschijnlijk omdat hij zag dat ik zijn muziek beluisterde. Ik was toen al een tijdje fan van ‘s mans zweverige hiphopproducties, remixen van onder anderen Small Black en Deerhunter, die hij op BandCamp weggaf.
Darren werkt onwaarschijnlijk hard, want elke week verschijnt er wel weer ergens nieuwe muziek van zijn hand. Frustrerend is daarbij dat hij meerdere platforms gebruikt om die muziek te verspreiden: op zijn SoundCloud staat andere muziek dan op zijn BandCamp, en enkele dagen geleden besloot hij de gratis ep Rogue Cho Paweg te geven via het krakkemikkige downloadplatform MediaFire. Dat maakt het bijhouden van een discografie niet eenvoudiger, maar soit.
Hieronder het openingsnummer van die ep. Kijk uit als je ‘m downloadt, halverwege de plaat is er ineens een halve minuut ingeruimd voor het geluid van een pornofilm. Lastig, als je ‘m draait in gezelschap of met de ramen wagenwijd open.
Hard werken is overigens ook van toepassing op Star Slingers tourschema: komende vrijdag speelt hij in De Nieuwe Anita te Amsterdam, de middag erna in Groningen en diezelfde avond nog in Utrecht, bij Klub Radar. Knallen geblazen.
Geen idee of deze artiest zijn inspiratie haalde bij dit stukje Winnie the Pooh fan-fiction, maar Winnie the Shit is echt een hele slechte artiestennaam. Sowieso moet je erg goede muziek maken om het gebruik van woorden als ‘fuck’ of ‘shit’ in je artiestennaam te rechtvaardigen, want de kans dat je als puberale kneus gezien wordt is levensgroot. Shit Robot bijvoorbeeld vervulde mij met behoorlijke scepsis, tot hij besloot een geweldig album te maken. Holy Fuck en Fuck Buttons: zelfde verhaal.
Matthew Willox uit Edmonton, Canada slaagt daar gelukkig heel aardig in: zijn spacey electronica, wonky en hiphop is niet heel dansbaar of opzienbarend, maar wel heel…prettig:
Zijn albums (drie, tot nu toe) geeft hij gratis weg als mp3′s op zijn homepage, voor de beste geluidskwaliteit moet je op BandCamp zijn (en dan ook een paar dollar neertellen). Voorbeeld van een tof ouder nummer: ‘I Love You’ uit 2008:
Ik besefte onlangs dat electronica-producer Sotu the Traveller de enige Nederlandse artiest is van wie ik dit jaar meer dan één plaat heb gekocht: het album Left en de ep met remixes HourGlass, die allebei in juni verschenen. Die kosten op BandCamp resp. 3,50 en 2 euro, een koopje natuurlijk.
Nu ben ik al een tijdje gecharmeerd van BandCamp: de site werkt goed en de initiatiefnemers stellen dat bijna alle omzet naar de artiest gaat. Puur uit nieuwsgierigheid, bij wijze van case study: hoe tevreden is Sotu over dit experiment?
“Ik kan er gewoon eerlijk over zijn,” vertelt hij per mail,
“het heeft mij persoonlijk zeer weinig opgeleverd in financieel opzicht. Met het album heb ik net meer dan 400 euro verdiend, niet heel veel als de prijs 3,50 is. Maar denk dat dat meer aan mij en mijn promotie ligt (en aan de muziek natuurlijk) dan aan BandCamp.”
Toch werd de nieuwe plaat onder andere op 3VOOR12 aangekondigd met een interviewtje erbij, dat is geen slecht bezochte site.
“Ja, ik had er zelf eigenlijk ook wel meer van verwacht. Maar het was ook eigenlijk bedoeld als een experiment om precies hierachter te komen, of het zou werken. Het zal vast ook liggen aan het feit dat het type muziek niet supertoegankelijk is, maar zonder arrogant te zijn denk ik dat er zeker meer uit te halen viel.”
Sotu zoekt de verklaring deels in de opkomst van streamen vs. downloaden:
“Iedereen [kan] de plaat natuurlijk ook kan streamen vanaf dezelfde plek waar ze hem zouden kopen. Je drukt 1 keer op play en je luistert het hele album, zonder iets illegaals te doen, en helemaal gratis. Als je ziet dat Spotify nu steeds populairder wordt, hebben mensen blijkbaar steeds minder behoefte om muziek te ‘hebben’, als ze t maar kunnen luisteren wanneer ze willen. Het aantal streams ligt rond de 15.000 namelijk, onvergelijkbaar met het aantal verkopen natuurlijk.”
Bij de betalende klanten viel op: ze betalen overwegend meer dan de minimumprijs, zoals BandCamp zelf ook belooft.
“Er zijn uiteindelijk meer mensen geweest die het album b.v. voor 5 euro hebben gekocht dan die het voor 3,50 hebben gekocht. Met de losse tracks ging ik eigenlijk al een beetje van dat effect uit (75 cent vraagprijs expres, en de meesten hebben inderdaad 1 euro betaald), maar had niet verwacht dat 3,50 voor het merendeel zo makkelijk afgerond zou worden naar 5. Al had ik wel express niet een rond bedrag genomen om juist dat ‘pay what you like’ principe aan te moedigen. Heel tof om te zien dat de mensen díe het kopen het ‘meer waard’ vinden dan de vraagprijs.”
Een grote meerwaarde ten opzichte van een plaat via een label uitbrengen is de persoonlijke betrokkenheid, vertelt hij.
“De eerste paar weken is het wel echt nice: bedragen komen binnen op je paypal, gelinkt aan je e-mail adres, het is heel leuk en ook interessant om elk bedrag (= elke aankoop) te zien binnenkomen en daarbij te zien wie dat dan is en vanuit waar. Ook die stats van bandcamp zijn heel nice, je ziet welke tracks mensen geluisterd hebben, welke eerder geskipt worden. De grafieken zien er mooi uit, en met name het overzicht waarin je kan zien vanaf welke sites mensen op je bandcamp-page terecht komen is handig: je ziet meteen welke blogs ‘werken’ voor je muziek, en waarvan het dus belangrijk is om ze in de toekomst te blijven benaderen met nieuwe muziek.”
“In datzelfde overzicht staan trouwens ook de sites die illegale downloads aanbieden. Wel frustrerend om te zien b.v. dat in de top 10 van ‘doorlink-sites’ er twee sites staan die je album illegaal aanbieden, met daarnaast een linkje naar je BandCamp. Mensen kunnen dan eerst op BandCamp streamen, en als ze het tof vinden downloaden via Mediafire o.i.d.”
Geen aandrang gehad om die sites te mailen met een klacht?
“Lijkt me niet dat het anno 2010 zin heeft om ervoor te zorgen dat je muziek niet illegaal aangeboden wordt. En zeker voor kleinere artiesten lijkt me dat het meer gaat om in eerste instantie zoveel mogelijk luisteraars te bereiken. Het kost toch bijna niks om zo’n plaat te maken, en het is ook maar de vraag of al die mensen die je album illegaal downloaden, je album zouden kopen als hij niet illegaal verkrijgbaar zou zijn. Waarschijnlijk niet, dus het enige wat er dan gebeurt is dat je luisteraars en misschien fans misloopt.”
Grootste nadeel van BandCamp: gebrek aan betalingsmogelijkheden: alleen Paypal, en sinds kort via een omweg met een paar credit cards.
“Daar heb ik vast veel verkopen mee misgelopen (kreeg daar ook mailtjes over). Heb het album pas in november op iTunes gezet. Achteraf gezien natuurlijk een domme keus, om 4 maanden na de ‘promotie’ iets pas op iTunes te zetten.”
Als al bijna alle omzet voor de artiest is, en dat levert slechts 400 euro op, is dat dan niet heel demotiverend?
“Haha, leven gaat gelukkig aardig, dj nog regelmatig, en studeer daarnaast ook weer tegenwoordig ;) Ik heb er wel echt meerdere boekingen aan overgehouden, en nog steeds trouwens, van mensen die specifiek om die ‘sound’ van Left vragen. En aandacht vanuit een hoek die ik daarvoor, op basis van Daydreams, zeker niet had. Wat meer 3VOOR12 dan State Magazine als het ware, al loopt het tegenwoordig allemaal steeds meer in elkaar over. Heb nooit echt geleefd van albumverkopen alleen natuurlijk, de afgelopen 3 jaar juist van draaien en live-shows. Denk dat deze release meer te vergelijken is uiteindelijk met een soort limited release, als t bij een klein label was uitgekomen waren er misschien 300 12 inches gedrukt, tof, maar ik weet zeker dat ik er dan helemaal geen geld van had teruggezien, dan is 400 euro met de mogelijkheid dat t altijd nog meer kan worden, sowieso interessanter.”
Grensgevalletje dansbaar-of-niet? De eerste minuut van Bikini‘s ‘Palm-Aire’ zwabbert een beetje op z’n Animal Collectives rond, met veel echo en valse vocalen, maar dan komt na een ruime minuut ineens de elektropop-beat erin. Met het talloze malen herhaalde refrein “Cause when you hold me, I hold you tighter / I’m gonna give up and make you mine”, voorzien van die mock-tropische instrumentatie (steeldrums enzo, je kent het wel) die zo populair is in de intellectuele electronicascene , zorgt het New Yorkse duo daarna voor dat het nog best een aanstekelijk nummer wordt.
Desalniettemin durfde ik ‘m niet te draaien in EKKO laatst, maar ik had ‘m wel gebrand bij me. Zoals ik al zei: grensgevalletje.
Afgelopen vrijdag niet aan toegekomen om te draaien, dit duistere dubstepmonster van Danny ‘NiT GriT’ Beall uit San Jose, CA. Maar ik wilde toch even kwijt dat dit soort dubstep, hoe kwistig het ook strooit met die clichématige kettingzaagsound, op zijn tijd allerminst te versmaden is. Soms moet het gewoon even lomp. Saving grace in dit geval is het lichtvoetige orgelmelodietje dat er na een minuut in komt, dat de industriële bak herrie er omheen net van het nodige tegenwicht voorziet.
Terzijde: terwijl Britten inmiddels steeds experimenteler worden met het dubstep-instrumentarium (James Blake, Mount Kimbie), knallen de Amerikanen er nog steeds in als een gemiddelde mook tijdens een Limp Bizkit-concert. Dat is gedateerde beeldspraak, maar u begrijpt wat ik bedoel. Net als bij Starkey uit Florida gaat NiT GriT voor maximaal effect. Niks mis mee, maar boeiend wordt het op de lange termijn nauwelijks.
Het redelijk onGooglebare producersduo Challenge maakt minimalistische, uitgesponnen nummers die ergens tussen krautrock en disco inhangen – gemaakt met computers en live ingespeelde instrumenten als synths en gitaren. Het heeft in de verte wat weg van Holy Fuck, en dat is geen vervelend vergelijkingsmateriaal.
Productief zijn de Britten Pete Herbert en Tim Paris niet: in 2008 brachten ze een singeltje uit op een label van Kompakt, de laatste single Broken Clock kwam afgelopen zomer uit op Management Music, een label dat Paris een paar jaar geleden zelf opstartte. Dat label heeft de prettige gewoonte alles wat ze uitbrengen (“chosen and driven with extra care regarding the production style”, jaja) ook op Bandcamp te zetten.
Eerlijk is eerlijk, de Broken Clock EP biedt geen wereldschokkende muziek: beide nummers grooven pakweg zeven minuten door met minimale variatie. Maar toch pakt het behoorlijk verslavend uit. Oordeel zelf:
“Wat is dit voor een new-age-muziek?”, vroeg mede-dj Dustbunny toen ze de nieuwe Brian Eno voor het eerst hoorde. Terwijl ik het idee had dat ik naar ambient aan het luisteren was. Eno, Warp (het label dat die nieuwe plaat uitgeeft), ambient – allemaal respectabele termen om mee te strooien. ‘New-age’ maakt direct een einde aan die respectabiliteit: dit is suffe muziek, zegt die term. En hij is eerlijk gezegd ook best van toepassing op die plaat.
Eenzelfde dilemma is van toepassing op de debuut-ep van Nathan ‘Evenings’ Broaddus uit Charlottesville, VA. Ik dacht afwisselend aan ‘achtergrondmuziek’ (slécht!) en aan ‘chillwave’ (goed! boeiend!). Het feit dat ik ‘m toch weer een paar keer opnieuw beluisterd heb, betekent volgens mij dat ik ‘m toch wel weet te waarderen: het kabbelt weliswaar behoorlijk, maar op de juiste momenten komen er toch de benodigde gesamplede gitaren, Balearic-percussie of synthdrums in om het tot een leuk luistertripje te maken. Oordeel zelf:
Downloaden (met instemming van de artiest) kan hier. Aan touren doet hij (nog?) niet.
Meer nieuws van het HW&W-label (Huh? What? Where?) waar beatbakker JUJ ook bij hoort: de 22-jarige producer Bahwee (“a regular no-show at his own gigs and self described ‘shittiest dj ever’”) uit Californië heeft net zijn debuut-EP Flavors uitgebracht op Bandcamp. Helaas niet wederom gratis (ach, een magere 7 dollar), maar in het begeleidend schrijven laat hij vallen dat “if money is the only thing preventing you from copping this, well, then look hard enough and you’ll find a link”. Googlen maar!
(Spoiler: hij is gratis te vinden, dus het googlen is niet voor niets)
Muzikaal is het perfecte leunstoelhiphop, rustig en zwoel maar stiekem ook verrassend funky:
Tip van Last.FM: JUJ – dat mag je uitspreken zoals je wilt volgens zijn MySpace. Hij maakt deel uit van de We Dit It crew, een “collective of homies, mostly from the LA area, who make music and art together and want to share it with you.” Vriendelijk!
JUJ maakt instrumentale hiphop met een experimenteel randje, maar immer melodieus. Het behoorlijk sterke Sunday Bouncer moge een voorbeeld zijn. Op het eerste gehoor conventionele boombap met klavecimbel(?)-sample en een neurieënde vrouwenstem, die door wat slimme melodieuze trucjes in de laatste minuut meer diepgang krijgt dan de meeste hiphopbeats die je op BandCamp hoort.
Download een gratis verzamelalbum van hem en zijn crew hier. Optredens in Nederland zitten er, niet verrassend, voorlopig niet in.